Beleggingsovertuigingen

Stichting Dow Pensioenfonds baseert haar beleggingsbeleid op basis van een aantal beleggingsovertuigingen. Deze beleggingsovertuigingen beschrijven op welke manier het pensioenfonds omgaat met rendementsverwachtingen en risicoperceptie.

Stichting Dow Pensioenfonds heeft de volgende beleggingsovertuigingen:

  • De pensioenverplichtingen strekken uit over tientallen jaren. Hierdoor heeft het pensioenfonds de mogelijkheid om dalingen in de beleggingen in het heden op te vangen door in de toekomst dit goed te maken.
  • Dit betekent dat het pensioenfonds niet alleen hoeft te beleggen in producten die volledige zekerheid bieden.
  • Wanneer men belegt, loopt men het risico dat de beleggingen minder waard worden. Tegenover dit risico moet een beloning, een risicopremie, staan, die hoger is dan dat het zou zijn als het geld op een spaarrekening gezet zou worden. Het pensioenfonds is ervan overtuigd dat op de lange termijn, die het pensioenfonds aanhoudt voor haar pensioenverplichtingen, het rendement hoger is dan het rendement op een spaarrekening.
  • Dit betekent dat het pensioenfonds vindt dat risico’s genomen mogen worden met de beleggingen, zolang deze voldoende rendement krijgen (beloond worden).
  • Aandelen kennen de meeste mensen wel, rentederivaten wordt al een stuk moeilijker, maar er zijn niet veel mensen die de details weten van de eigenvermogenstranche van een “CDO squared”. Het bestuur moet weten in welke instrumenten wordt belegd door het pensioenfonds waar zij verantwoordelijk voor is. Daarom wordt afgewogen welke trainingen noodzakelijk zijn om de instrumenten beter te begrijpen, en in voor welke instrumenten het vereiste kennisniveau simpelweg te hoog is.
  • Dit betekent dat het pensioenfonds enkel belegt in instrumenten die het bestuur begrijpt.
  • Het pensioenfonds heeft twee keuzes met betrekking tot werkzaamheden. Enerzijds kan het werkzaamheden zelf uitvoeren. Hiervoor dienen voldoende expertise, de correcte systemen en goede beleggingsmogelijkheden aanwezig te zijn. Anderzijds kan het pensioenfonds taken uitbesteden aan gespecialiseerde partijen. Op deze partijen heeft het pensioenfonds minder controle, maar de risico’s van uitbesteding kunnen significant worden verkleind door de juiste afspraken te maken.
  • Dit betekent dat het pensioenfonds haar directe beleggingsactiviteiten uitbesteedt, en goede afspraken maakt met de partijen aan wie dit is uitbesteed.
  • Beleggingen kunnen worden gedaan in veel soorten instrumenten. Maar een aandeel heeft een andere basis van rendement en andere risico’s dan een hypothecaire lening. De kans dat beiden tegelijkertijd een slecht rendement hebben is kleiner dan van ieder apart. Maar voor ieder instrument dat wordt toegevoegd, worden echter kosten voor toezicht en bestuurskennis gemaakt. De verkleining van de risico’s moet hiertegen opwegen.
  • Dit betekent dat het pensioenfonds in meerdere instrumenten belegt om risico’s te verkleinen, maar bij ieder instrument afweegt of de extra kosten tegen de verkleining afwegen.
  • Risico’s bestaan in alle vormen en maten. De aandelenbeurs kan kelderen, maar het kan ook zijn dat een systeem uitvalt waardoor een order niet tijdig doorkomt. Niet alles is in cijfers uit te drukken, maar het bestuur wil wel op de hoogte zijn van de risico’s die het pensioenfonds loopt.
  • Dit betekent dat het bestuur rekening houdt met de verschillende vormen van risico in de gehele controlekolom, en hiervoor gebruikt maakt van cijfermatige bronnen en verhalende bronnen.
  • Het pensioenfonds heeft vier niveaus van allocatie van beleggingen. De basis is de Strategische Beleggingsallocatie, welke bepaalt hoeveel in welke beleggingscategorieën wordt belegd (hoeveel procent in aandelen en hoeveel in obligaties). Daarnaast is er de Tactische Beleggingsallocatie, welke kan afwijken binnen marges van de Strategische. Dit gebeurt veelal als er sterke aanwijzingen zijn dat er iets gaat gebeuren (bijvoorbeeld minder aandelen als er aanwijzingen zijn voor een beurscrash). Daaronder is de beleggingsallocatie naar managers (hoeveel naar Blackrock, hoeveel naar PIMCO), en daaronder is de beleggingsallocatie naar een specifieke naam (hoeveel aandelen ING, hoeveel aandelen Heineken). Het pensioenfonds is van mening dat de Strategische Beleggingsallocatie veruit de meeste invloed heeft op het rendement en de risico’s van het pensioenfonds.
  • Dit betekent dat het bestuur zich vooral bezighoudt met de hoeveelheid beleggingen per beleggingscategorie, en de suballocaties meer overlaat aan een uitbesteedde partij.
  • Beleggen kan passief en actief. Passief wil zeggen dat een index (bijvoorbeeld de AEX) wordt gevolgd. Actief wil zeggen dat een index als graadmeter wordt gebruikt, maar anders dan de index belegd wordt om meer rendement te halen dan de index. Inefficiënte markten wil zeggen dat de markten in de praktijk niet zo goed werken als dat de theorie beschrijft. Hiermee wordt gezegd dat er kansen liggen om beter te presteren dan de benchmark, maar dit hier zorgvuldig moet worden onderbouwd.
  • Dit betekent dat het pensioenfonds ook beleggingen in actief beheer heeft onder strikte richtlijnen.
  • Om te kunnen beleggen moeten kosten worden gemaakt. Geen enkel soort instrument heeft geen kosten, maar de hoogte kan heel erg verschillen. Kosten kunnen vast zijn, of variëren met het aantal transacties of het behaalde rendement. Het pensioenfonds moet keuzes maken in welke instrumenten zij belegd, afhankelijk van risico’s en het rendement, ná kosten.
  • Dit betekent dat het pensioenfonds in de evaluatie van haar beleggingen kosten bekijkt, maar deze niet los ziet van het behaalde rendement.
  • Het pensioenfonds loopt renterisico. Als de rente daalt, stijgt de waarde van de pensioenverplichtingen en krijgt het pensioenfonds ook meer rendement op haar beleggingen. Maar de dekkingsgraad daalt, omdat het effect op de pensioenverplichtingen groter is. Daarom heeft het pensioenfonds extra beleggingen die dit effect tegengaan. Hiermee dekt het pensioenfonds een groot gedeelte van het renterisico af. Niet helemaal, want het renterisico schommelt erg en hangt ook af van andere risico’s.
  • Dit betekent dat het pensioenfonds belegt in instrumenten, inclusief derivaten, die het renterisico afdekken.
  • Onderdeel van verantwoord beleggen rekening houden met ESG-factoren bij beleggingen. Deze kunnen een groter impact op een bedrijf. Niet alleen financieel, maar ook juridisch en voor de reputatie. Met deze risico’s dient rekening te worden gehouden bij het maken van de investeringsbeslissing als onderdeel van de rendement-risico analyse.
  • Dit betekent dat het pensioenfonds rekening houdt met ESG-factoren bij de investeringsbeslissing.